Royal Wind Music Lamentation & Celebration

Royal Wind Music Lamentation & Celebration

Zondag 6 december 2026
Lutherse kerk 15.00 uur

Lamentation & Celebration, Een muzikale reis door melodische transformatie en innovatie. In dit programma onderzoekt The Royal Wind Music de reis van zulke melodieën – van intiem chanson tot verheven mis, van berouw tot dansende vreugde

 

Categorie:

Beschrijving

Lamentation & Celebration

Een muzikale reis door melodische transformatie en innovatie

Vanaf de late middeleeuwen tot diep in de zeventiende eeuw vormden bekende melodieën de zuurstof van het Europese muziekleven. Zoals de legende vertelt, zou Martin Luther ooit hebben gevraagd: “Waarom zou de duivel alle mooie deuntjes hebben?” Hoewel historisch twijfelachtig, weerspiegelt deze uitspraak treffend de levendige discussies in de zestiende eeuw over de legitimiteit van seculiere melodieën binnen de kerk. Een enkele melodische vondst kon een opmerkelijke lange nasleep hebben: gezongen aan het hof, herwerkt voor een kerkdienst, versierd door virtuoze instrumentalisten of vastgelegd in een van de vele opkomende muziekprints van de tijd. In dit programma onderzoekt The Royal Wind Music de reis van zulke melodieën – van intiem chanson tot verheven mis, van berouw tot dansende vreugde.

Een van de meest tot de verbeelding sprekende voorbeelden hiervan is Mille Regretz van Josquin des Prez, naar verluidt een favoriet van keizer Karel V. Haar dalende lijnen en sobere expressie gaven aanleiding tot talrijke herwerkingen, waaronder Cristóbal de Morales’ Missa Mille Regretz en Jean de Castro’s eigen adaptatie in een instrumentale driestemmige fantasie. Morales’ mis transformeert de oorspronkelijke intimiteit van Josquins chanson tot een rijk weefsel van polyfonie, waarbij de karakteristieke melancholie behouden blijft.

Ook Nicolas Gombert, werkzaam aan het hof van Karel V en later in Venetië, liet zien hoe seculiere melodieën konden worden verheven tot spirituele polyfonie. Zijn chanson Mort et fortune werd later door Orlande de Lassus gebruikt als basis voor het Magnificat. Opmerkelijk is dat Silvestro Ganassi in zijn tractaat Regola Rubertina Gombert expliciet noemt als voorbeeld van contrapuntistisch vakmanschap. Ganassi gebruikte deze verwijzing niet alleen om Gomberts prestaties te erkennen, maar ook om zichzelf te profileren als musicale autoriteit in Venetië. De diminuties die in dit programma worden uitgevoerd, zijn direct gebaseerd op Ganassi’s systematische benadering van deze kunst in zijn La Fontegara. Dit werk uit 1535 staat apart als een van de eerste gestructureerde scholen voor diminuties en door zijn bijzondere aandacht voor ritmische modellen volgens de Griekse rhythmopoiia. De diminutievoorbeelden tonen complexe proporties zoals 5/4 en 7/4, zoals we ze in geen van de latere tractaten terug zullen zien komen.

Een andere fascinerende melodische reis voert ons naar Doulce Memoire, een chanson van Pierre Sandrin uit 1538 dat zowel tijdloze nostalgie uitstraalt als een bron van inspiratie voor polyfone verwerking bood. In ons programma wordt dit chanson verfraaid met uitgebreide versieringen in alle stemmen, volgend Ganassi’s voorbeelden in proporties van 4/4, 5/4, 6/4 en 7/4. Orlando di Lassus gebruikte dit werk als basis voor zijn Missa ad imitationem moduli Doulce Memoire, waarin hij Sandrins lyrische lijnen transformeerde tot weelderige polyfonie. Op soortgelijke wijze vinden we bij Girolamo Frescobaldi en Eustache Du Caurroy het chanson Une jeune fillette / La Moniche, dat in hun instrumentale arrangementen wordt herwerkt tot een virtuoos web van contrapunt en ornamentatie. Deze voorbeelden tonen hoe eenvoudige, expressieve melodieën door componisten van toen – maar ook door musici van nu – voortdurend kunnen worden heroverwogen, verdiept en aangepast aan nieuwe muzikale contexten, waarbij zowel compositie- als instrumentaal-technische technieken worden ingezet om de emotionele en harmonische rijkdom van het origineel te verkennen.

Tussen de klanken van de zestiende eeuw klinkt ook een recent werk: de suite Susanne door Raivis Misjūns (2025), waarvan we twee delen uitvoeren. Gebaseerd op het bijbelse verhaal van Susanna en de Oudsten, vertelt de compositie over onrecht, innerlijke strijd en uiteindelijke verlossing. Minimalistische technieken zoals herhalende structuren en subtiele spanningsopbouw versterken de emotionele intensiteit van het verhaal, terwijl de keuze voor Didier Lupier’s originele chanson Susan un jour de historische dimensie belicht. Samen vormen ze een dialoog tussen verleden en heden, waarin melodische transformatie en emotionele expressie centraal staan.

Zo leidt Lamentation & Celebration de luisteraar door een landschap van herinnering en vernieuwing, van melancholie tot vreugde, van historische overlevering tot eigentijdse reflectie.

The Royal Wind Music

Musici uit alle hoeken van de wereld spelen repertoire uit de gouden eeuw van de polyfonie op een indrukwekkende verzameling van renaissanceblokfluiten. Samen vormen zij The Royal Wind Music, een ensemble dat al vanaf 1997 over de hele wereld een voortdurend groeiend publiek heeft weten te boeien.Zij streven ernaar om muziek uit de Renaissance tot leven te brengen op een authentieke en toegankelijke manier. Alle muziek wordt uit het hoofd gespeeld en zonder dirigent, en dat geeft de concerten van The Royal Wind Music door de intensieve communicatie op het podium ook een sterke band met het publiek.De instrumenten waarop The Royal Wind Music speelt, werden gebouwd door Adriana Breukink (Nederland), Bob Marvin (Canada), Adrian Brown (Nederland) en Monika Musch (Duitsland). Zij baseerden hun instrumenten op blokfluiten in de collectie van het ‘Kunsthistorisches Museum’ in Wenen.De renaissanceblokfluiten van het ensemble lopen uiteen van een sopranino van niet meer dan 15 cm tot een drie meter lange subcontrabasblokfluit die in 1998 op basis van renaissanceprincipes werd ontworpen door Adriana Breukink, Winfried Hackl en Paul Leenhouts. The Royal Wind Music trad op in belangrijke zalen in heel Europa, en in de Verenigde Staten en Mexico. In Nederland stonden ze op prestigieuze podia, zoals Het Concertgebouw en Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam, De Doelen in Rotterdam, De Philharmonie Haarlem en De Oosterpoort in Groningen. Ook trad de groep op tijdens belangrijke festivals in Nederland en daarbuiten, zoals tijdens het festival Festival Oude Muziek in Utrecht, Musica Sacra Maastricht, Tage Alter Musik in Regensburg, de Berliner Tage für Alte Musik, het London International Festival of Early Music en het Boston Early Music Festival in de Verenigde Staten.The Royal Wind Music bracht tot dusver elf cd’s uit, de eerste zeven bij het Spaanse label Lindoro en de meest recente, The Orange Courtyard, bij Pan Classics. In het najaar van 2024 verscheen The Orpheus of Amsterdam, waarin The Royal Wind Music zich laat inspireren door de muziek van Jan Pieterzoon Sweelinck.

Ga naar de bovenkant